 |
 |
 |
 | Bonte Boertje |
|
|
|
|

|
Onze vogels
|
Wij hebben 4 oranjebuik Bonte boeren, (in totaal zijn dat op het moment 1 koppel en 2 enkele vogels)
|
|
|
Latijnse naam: Poicephalus senegalus
|
 |
|
|
Signalement van het Bonte Boertje
|
|
Oorsprong
|
midden-westen van Afrika
|
|
Uiterlijk
|
groene vogel met donkergrijze kop en geel-oranje buik (zie ook: korte beschrijving en ondersoorten)
|
|
Grootte
|
van kop tot staartpuntje ongeveer 23 cm
|
|
Gewicht
|
mannetjes wegen ongeveer 156 gram en de poppen wegen ongeveer 136 gram
|
|
Geslachtsrijp
|
bij 3 a 4 jaar
|
|
Broedseizoen
|
in hun natuurlijke omgeving is dat rond oktober -november, bij ons in Nederland is dat in de zomermaanden, maar een hoge luchtvochtigheid en warmte zijn gewenst
|
|
Rui
|
het gehele jaar door af en toe een veertje, maar meer tijdens en na de broedtijd
|
|
Eitjes per legsel
|
gemiddeld 2 tot 4 eitjes
|
|
Broedduur
|
tussen de 25 en 28 dagen
|
|
Ringmaat
|
7.0mm
|
|
|
Korte beschrijving
|
De Bonte Boer is gemiddeld 23 cm groot. Het voorhoofd en schedel is donkergrijs, aan de wangen iets lichter, de rug en de borst (in een punt uitlopend) zijn groen, De buik is van geel tot bijna rood (het onderscheid tussen de (onder)soorten). De vleugels zijn olijfgroen , de staart is bruinolijfgroen, de snavel is zwartgrijs, de iris is geel en de poten zijn grijsbruin.
|
Ondersoorten
|
De Bonte Boer is onderverdeeld in 3 ondersoorten. Het verschil zit in de kleur van de buik. De volgende 3 ondersoorten bestaan er:
Poicephalus senegalus senegalus = Geelbuik
Poicephalus senegalus mesotypes = Oranjebuik
Poicephalus senegalus versteri = Roodbuik
|
Geslachtsbepaling
|
Er is aangetoond dat het verschil tussen man en pop met grote zekerheid is vast te stellen door de groene driehoek op de borst te vergelijken. Bij de poppen loopt deze door tot tussen de poten, terwijl bij de man de punt niet verder reikt dan de onderborst.
|
Natuurlijke leefomgeving
|
De Bonte Boer komt voor in de landen van het middenwesten van Afrika; van Senegal tot het noorden van Kameroen.
Open en licht beboste savannen in het noordelijke gedeelte van het leefgebied en oerwoud en mangrovebossen in het zuiden.
De vogels trekken enkele honderden kilometers tussen noord en zuid afhankelijk van het voedselaanbod.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|